IJzeren molen (Rothemermolen)

IJzerenmolen

Bouwjaar : ± 1381/1850
Type : Watergedreven molen met middenslagrad
Functie : Korenmolen
Rad : 6,70 m
Bedrijfsvaardigheid : maalvaardig
Ligging : aan het Geulke (zijtak van de Geul)
Eigenaar : Habets Bouw te Nuth
Adres : Molenweg 5-7b Meerssen

Beknopte geschiedenis
De Rothemermolen is een van de twee watermolens op het Geulke, een zijtak van de Geul. De molen die al in 1381 is genoemd was in bezit van de Heren van Vaeshartelt doch is in haar bestaan vele malen van eigenaar gewisseld.

Tot rond 1885 is de molen gebruikt voor het slaan van olie. In die tijd werd hij ook uitgebreid met een graanmaalinrichting. Rond 1920 is het houten waterrad vervangen door een ijzeren rad en is de inrichting voor het olieslaan afgebroken.

In september 1944 werd de molen door oorlogsgeweld zwaar beschadigd en bij het herstel niet meer geheel in de oude staat teruggebracht. Begin jaren vijftig is de molen stilgelegd. Sinds 2010 is de Rothemermolen eigendom van Habets Bouwgroep te Nuth en is weer maalvaardig.

Net voor het waterrad is in het Geulke een aftakking die de waterpartijen van een zevental landgoederen in de omgeving van vers water voorziet.

Beschrijving van de molen
Het ijzeren middenslagrad van de Rothemermolen wordt van water voorzien door het Geulke. Dit is een ruim 2 km lange zijtak (molentak) van de Geul. Het water wordt door middel van een tweetal sluizen gestuwd. Bij de laatste restauratie is de bediening van de sluizen, die tevens de gewenste hoeveelheid water vIJzerenmolenoor de waterpartijen van de landgoederen regelt, door WRO geautomatiseerd.

De middellijn van het rad bedraagt 6,70 m. en de breedte 1,10 m. De ijzeren gebogen schoepen zijn aan de zijkant aan ringvormige platen bevestigd. Aan de voet van de maalsluis is een krop met ark aangebracht. De stalen molenas wordt ondersteund door de oude beer van hardsteen.

Maalstoel IJzerenmolenDe maalstoel bestaat uit gietijzeren kolommen waarin het ijzeren gangwerk is geplaatst. Het grote conische aswiel, dat van ijzeren tanden is voorzien, werkt samen met een conisch tandwiel op de stalen koningspil met houten kammen, waarop het spoorwiel dat de rondsels van de steenspillen aandrijft is gespied.

De koningsspil is verlengd tot het plafond van de steenvloer. Door middel van een kroonwiel zijn twee zijassen gekoppeld. Op de rechter as zit de inrichting voor het luiwerk. Voor de aandrijving van de hulpmachines, die niet meer aanwezig zijn, zitten op de linker as nog de poelies.

Op de stoel liggen twee, van de oorspronkelijk drie koppel, 17der  stenen.